Hoboverwanten


Home     Contact     Leerlingen     Leerkrachten     Bibliotheek


Net zoals vele instrumenten een grote of kleine "broer" hebben (denk maar aan fluit en piccolo, of trombone en bastrombone), heeft ook de hobo enkele verwanten. We zullen het hier enkel hebben over de "klassieke" verwanten, en niet over de instrumenten die in de volksmuziek worden gebruikt, de zogenaamde etnische muziek.

 

De oboe d'amore

Deze "liefdeshobo" staat in la (vingerzetting do klinkt dus als een la). Rond 1720 duikt dit instrument voor het eerst op. Hij dankt zijn naam aan zijn warme klank, die ontstaat door het gebruik van een speciale, bolle klankbeker. Bach heeft er heel veel voor geschreven. Na Bachs dood in 1750 werd het instrument maar weinig meer gebruikt. Het belangrijkste 20e eeuwse werk met oboe d'amore is "Symphonia Domestica" van Richard Strauss.

 

De althobo

De althobo wordt ook wel Engelse hoorn genoemd - een merkwaardige benaming, die toch een beetje meer uitleg vraagt. Vroeger, toen er nog nauwelijks kleppen gebruikt werden, moest men de althobo in een hoek bouwen, omdat het instrument anders veel te lang zou zijn. In het Frans zei men "corps anglé", wat letterlijk "gebogen of gehoekt lichaam" betekent. Dat werd algauw "cor anglais", vertaald als Engelse hoorn. Ook de term "cor anglais" wordt vaak gebruikt.

De althobo wordt bespeeld met een gebogen koperen mondstuk (de "es") waarop het riet wordt geschoven. De vingerzettingen en de kleppen zijn hetzelfde als die van de hobo, vandaar dat men gemakkelijk kan wisselen tussen beide instrumenten.

De althobo staat in fa, wat wil zeggen dat je, als je vingerzetting een do is, je een fa hoort, een kwint lager. Een vingerzetting sol klinkt dus als een do...

 

   Vergelijk het riet van de althobo (links) met dat van de hobo (rechts).

 

 

 

 

De baritonhobo

De baritonhobo klinkt een octaaf lager dan de gewone hobo, en werd voor het eerst rond 1740 gemaakt door Charles Bizet. Doordat het instrument zo lang was, gebruikte Bizet een dubbele boring en een gebogen mondstuk. Hij verkleinde de afstanden tussen de vingergaten door ze scheef in verdikte gedeelten van de buiswand te boren. De baritonhobo werd bijna nooit gebruikt.

 

De heckelfoon

Richard Wagner was op zoek naar een instrument dat zowel het karakter van de hobo had, als de krachtige klank van de alpenhoorn. Wilhelm Heckel ging aan het experimenteren en ontwikkelde zijn heckelfoon - helaas was Wagner al 20 jaar dood toen het eerste instrument werd voltooid. In "Salome" van Richard Strauss zit ook een belangrijke partij voor heckelfoon.

 

 

 

Hier zie je de hele familie (van boven naar onder): heckelfoon, baritonhobo, althobo, hobo d'amore, hobo, musette. Om een idee te krijgen van de grootte en het toonbereik van de verschillende instrumenten, kun je eens kijken naar het schema hieronder.

 

 

 

 

 

Instrument Toonbereik Lengte in cm
heckelfoon 138,5
althobo 90
hobo d'amore 72,5
hobo 66,5
musette 42,5

 

Merk op: